INHOUDSOPGAVE
VOLGENDE AFLEVERING

Indoor-lente         Afl.41      4 januari 2009        etalagepoppensoap

'Je zou hier best kunnen vliegeren het tocht hard genoeg.' dacht Kees terwijl hij vanaf zijn luie kruk omhoog keek langs de trap. Grinnikend om zijn eigen opmerking stond hij op en liep één stap vooruit zodat hij pal voor de trap stond. 'Eigenlijk helemaal niet zo'n gek idee, indoor-vliegeren !'

Kees liep de trap op naar het rommelhoekje waar de die-kunnen-we-vast-nog-wel-eens-gebruiken-spullen lagen. Hij begon te trekken aan een groot stuk doek wat uit de stapel stak waardoor de de stapel met veel kabaal omviel. Hij zag de bos bamboestokjes die hij zocht en pakte het uit de stapel. Nu nog even iets om de vlieger mee te bespannen, dat kon mooi met dat stuk zeil wat met één ruk ook gescheiden was van de berg spullen. Waarmee vastzetten ? Duck-tape misschien ? Waar lag dat ook maar weer ? O ja in de spoelbak, hebbes !

Snel rende Kees weer naar beneden en knielde op de grond. Hij maakte een kruis van twee stokjes, zette ze vast door de tape er kruislings omheen te winden, iemand klopte op het raam, Kees negeerde het, omdat het meestal pubers waren die hun pauze moesten doden. 'Zo dat zit mooi, stevig !' dacht Kees al duwend en trekkend aan de stokjes. Weer werd er op het raam geklopt. Kees keek nu wel op en zag zoals verwacht: een puber. De puber trok een vragend gezicht en wees daarna op zijn voorhoofd. Het was dat Kees niet bij zijn voorhoofd kon anders had ie 'm mooi een poepie laten ruiken. Blijkbaar was de puber teleurgesteld over het ontbreken van een reactie bij Kees want hij droop af, waarschijnlijk naar een zuur-ruikend klaslokaal waar de wiskundeleraar klaar stond om de schoonheid van statistiek uit te leggen. De kans dat de puber daar iets van ging snappen schatte Kees niet hoger dan 17 %.

Kees bevestigde het zeiltje op het kruis en bekeek kritisch het resultaat. Nee dat ging zo niet vliegen .... het dwarsstokje was door het opspannen naar één kant geschoven en daardoor leek de vlieger niet op een vlieger. Geïrriteerd trok Kees de boel weer los en begon opnieuw. Weer werd er geklopt op het raam. Kees wilde net een vloekwoord richting buitenwereld verzenden toen hij zag dat het Kitty en Valentina waren. Ze stonden allebei breeduit te grijnzen. Kees stond op en maakte ruimte zodat de deur open kon. 'Wat doe je ?' vroeg Valentina. Kees antwoordde glimlachend: 'Ik maak een vlieger, dat komt, Ik heb hier een brief voor m'n moeder, die hoog in de hemel is, deze brief bind ik vast aan m'n vlieger, tot zij hem ontvangt, zij die ik mis !' . Valentina keek hem niet begrijpend aan, dacht even na, en vroeg toen 'vliegeren, hoe gaat dat ?'


ik vlieg de trap op en af
loop niet zo te stampen
ik maak namelijk veel
heel veel lawaai bij het op en af lopen van een trap
zo lichtvoetig ben ik echt niet

ik vlieg alle kattengaten in
geen muis is voor mij veilig
ze vliegen door mijn hoofd
gedachten
als muizen die zich
door het isolatiemateriaal een weg knabbelen
poepjes laten vallen in een bed

vlieg met me mee
naar de regenboog regenboog
op een bed van zonnebloemen
welk kattengat vlieg ik nu weer in

maakt niet uit
als ik maar vlieg nu

Dat Kees en Kitty geen ouders hebben en dat ze dat niet eens raar vinden, vond valentina heel raar.
Ze was er niet heel vaak mee bezig maar zo af en toe, en de laatste tijd veel meer, vroeg ze zich af wie haar moeder was. Waar kwam ze vandaan?

Maar veel kon ze zich niet herinneren. flarden soms.
Benidorm, en Kees en Kitty daar. Dat ze in de goot lag en Kees haar meenam.
Hoe die vreselijke Antonio met zijn studentenvriendjes, haar als vuil behandelde.
Wat ie studeerde had Valentina nooit geweten en dat lag niet aan haar slechte geheugen.
Een warm gevoel kreeg ze soms ook. Ze weet nog van die lieve Jesus.
Een warme man was dat. Wekelijks werd ze opgeblazen en had hij haar lief.
Nu ze zo aan hem denkt krijgt ze spontaan weer die lekkere kippenvel.
Er dan is er nog Manuel, zijn naam weet ze nog maar wat zijn rol was in haar leven niet.
Of hij haar vader was. Valentina durft het niet te zeggen. Ze weet het eenvoudig niet meer.
Maar wat haar nog het meeste dwars zit is dat ze geen enkele herinnering heeft van een vrouw, een moeder.
Ze kan zich geen vrouwbeeld voor de geest halen hoe zeer ze de lucht in haar hoofd, die anderen hersenen noemen, ook pijnigt.

Des te schokkender was het toen ze er onlangs achter kwam dat ze deel was van een drieling. Ze had 2 zussen. Ze leken als 2 druppels water op valentina. Ze was helemaal van slag. Wat moest ze met 2 zussen die ze niet kende en al helemaal niet kon herinneren dat ze die ooit gezien had.

Ook van hun namen Ivanna en Alicia ging geen belletje rinkelen.

Maar het hele waar-kom-ik-vandaan is er wel door geactiveerd.

Een paar vage mannennamen, twee zussen die ze niet kent en een moeder waarvan ze niet eens het bestaan weet.

Begreep ze kees nou goed ?

Moest ze dat nou allemaal in een brief schrijven en aan een vlieger vastbinden ???

INHOUDSOPGAVE
VOLGENDE AFLEVERING